De hofnar
dinsdag 10 januari 2012
Christian van der Ven is archivaris en werkzaam bij het Brabants Historisch Informatie Centrum en de Archiefschool. Hij houdt het blog De Digitale Archivaris bij en schreef onderstaand gastblog.
Het Biografisch Portaal is een prachtig initiatief dat de weg wijst in het bos van online biografieën. Nu al bijna 78.000 personen in ruim 125.000 biografieën. Prachtige content, maar wordt die ook gevonden?
Vadertje Drees
Alweer voor de derde keer mocht ik op de grens van 2011/2012 voor de Archiefschool de module Beschikbaarstellen van de opleiding Archiefassistent verzorgen. Heel kort door de bocht leren studenten in deze module op mbo-niveau hoe ze klanten van een archiefdienst kunnen helpen met hun informatievraag. In de lesstof zitten ook wat onderdelen informatievaardigheden verweven. Belangrijke vragen zijn bijvoorbeeld: hoe zoek ik naar informatie en hoe beoordeel ik of die informatie betrouwbaar is?
Zo is er een opdracht rond biografieën, meer specifiek de biografie van Willem Drees. Studenten zoeken in een papieren encyclopedie én in het Biografisch Woordenboek van Nederland zijn biografie op en beantwoorden daarbij een aantal vragen. Wanneer werd Drees geboren, in welke stad was hij wethouder, namens welke partij was hij minister? Dat soort werk. Vervolgens is de vraag aan studenten om online een andere biografie op te zoeken. Hoe hebben ze die gevonden? En kunnen ze met de aldus gevonden biografie ook al diezelfde vragen over Drees beantwoorden? Wat vinden studenten van de betrouwbaarheid van die biografie? En waarop baseren ze dat laatste oordeel?
Als eerste Google
Zoeken naar biografieën gaat natuurlijk met Google. En Google vindt natuurlijk vooral artikelen in Wikipedia. Dat is dan ook waar de meeste van mijn studenten mee terug naar de les komen. De vragen over Drees zijn vervolgens allemaal op één na met behulp van het artikel in Wikipedia te beantwoorden. En dat artikel wordt ook betrouwbaar gevonden. Sterker nog: verschillende van mijn studenten bestempelen het artikel in Wikipedia zelfs als betrouwbaarder dan andere biografieën, zoals die van het IISG (in het Biografisch Woordenboek van het Socialisme en de Arbeidersbeweging in Nederland) over diezelfde Willem Drees. Waarom?
Nou, heel simpel. Van die biografie van het IISG is volgens mijn studenten helemaal niet duidelijk wie of wat er wanneer iets aan heeft zitten versleutelen. En bij Wikipedia is dat gewoon op te roepen. Betrouwbaarheid door transparantie. Terecht? Zeg maar zelf. De werkelijkheid? Ja, en wel die van nu. Maar los van deze verfrissende kijk op betrouwbaarheid, ligt er dus de kwestie van het zoeken.
Wikipedia als eerste
De enorme dominantie van Google als het gaat over zoeken naar informatie op internet is bekend. In Nederland is het marktaandeel van Google zo'n 93%. Tegelijkertijd blijkt uit een onderzoek uit 2007 dat van alle pagina's die Wikipedia rijk is zo'n 96,6% een plekje heeft in de Top 10 van Google.
Zoeken op "Drees" levert in Google een eerste plek op voor Wikipedia. Op de tweede plek volgt een biografie op Parlement & Politiek, een website van het Parlementair Documentatie Centrum in Leiden. Die laatste gebruikt trouwens ook heel slim de advertentiemogelijkheid van Google ("Wie was Vadertje Drees? Biografie van de oud-premier") om doelgroepen te bereiken. Op de vierde plek vinden we de biografie van het IISG terug. Het Biografisch Portaal volgt bovenaan... op de vierde pagina met zoekresultaten. Onvindbaar dus.
Zoeken op "Willem Drees" levert wederom een eerste plek op voor Wikipedia. Parlement & Politiek volgt nu op de zesde plek en het IISG op de negende. Het Biografisch Portaal volgt, nog steeds redelijk onvindbaar, onderaan op de tweede pagina met zoekresultaten. In beide gevallen staan op de andere plekken op de eerste pagina geheel andere zoekresultaten dan biografieën, maar ook wel andere websites met informatie over Drees. Een aardige is bijvoorbeeld de tekst over de oud-premier op Seniorplaza, beide keren te vinden op de eerste pagina in Google. Onder mijn studenten zijn de biografieën op Parlement & Politiek en die van het IISG de enige die nog wel eens als alternatief voor het artikel in Wikipedia worden gebruikt.
Narrig
Google is koning, Wikipedia koningin en het Biografisch Portaal is duidelijk de nar. Die laatste moet zich dus schikken naar een rol in de marge - gebruik door een select groepje specialisten - óf beter nog: een strategie bedenken om tussen de koning en de koningin in te komen staan. Artikelen in Wikipedia verrijken met links naar lemma's in het Biografisch Portaal, zoals andersom al is gebeurd? Adverteren in Google, zoals Parlement & Politiek heeft gedaan? Voorlopig lijkt het eerste me het best haalbaar - met Drees heb ik al een beginnetje gemaakt. Los natuurlijk van de vraag hoeveel gebruikers via de grote G vanuit de grote W uiteindelijk de link volgen naar het Biografisch Portaal...
Met mijn studenten heb ik in ieder geval steeds aardige discussies over het zoeken, vinden en beoordelen van informatie online. En als bonus krijgen ze als tip mee om in voorkomende gevallen het Biografisch Portaal te gebruiken. Alhoewel - ik moet het bekennen - de verleiding van Google ook op mij vaak te groot is...
Christian van der Ven
Nota bene: Het Biografisch Portaal is al in gesprek met Wikimedia om geschikte manieren te vinden om het Biografisch Portaal beter te ontsluiten.
Kerstcadeau’s bij het Huygens ING
maandag 12 december 2011
Onder auspiciën van het Huygens ING (en zijn voorgangers) is in de loop der jaren een groot aantal tekstedities, bronnenpublicaties en andere uitgaven verschenen. Voor een deel daarvan beschikt het Huygens ING over nog onverkochte voorraden. Zodoende is er besloten deze oude voorraden tegen verregaand gereduceerde prijzen af te stoten.
Met de feestdagen voor de deur is dit het ultieme moment om eindelijk de historisch kritische editie van Max Havelaar cadeau te doen aan die ene fervente lezer in de familie. Of om (enkele delen van) het Biografisch Woordenboek van Nederland cadeau te doen aan degene die de stamboom aan het onderzoeken is. Ook kunt u kiezen voor bijvoorbeeld de dagboeken van P.J.M. Aalberse. Voor iedere historisch of literair geïnteresseerde zitten er in het enorme corpus interessante titels.
Een volledig overzicht van titels vindt u in het titeloverzicht.
Meer informatie en het bestelformulier kunt u vinden op deze pagina.
Een prachtig kerstcadeau voor uw naasten, of voor uzelf!
Jeltje Zijlstra
Schilders worden niet per se oud, adel sterft wel jong
dinsdag 6 december 2011
In Er was iets met die schilders in de Gouden Eeuw (NRC, 24-11-2011, pp.14-15) worden demografen Frans van Poppel, Dirk van de Kaa en Govert Bijwaard geciteerd die stellen dat beeldend kunstenaars in het verleden een stuk langer leefden dan aristocraten. Zij baseren zich op (een geschoonde versie van) de database van het Rijksbureau van Kunsthistorische Documentatie (RKD). Deze uitspraken brachten me op het idee om dit te toetsen aan het materiaal in het Biografisch Portaal (in het vervolg: BP), een website die informatie uit biografische naslagwerken en databanken (waaronder die van het RKD) bij elkaar brengt. Het BP bevat de geboorte- en sterfdata van vele duizenden personen uit de Nederlandse geschiedenis. Is het waar dat schilders langer leefden? Hoever liepen gemiddelde leeftijden tussen verschillende categorieën personen uiteen? En hoe zat dat met andere beroepsgroepen (zoals dichters, toneelspelers, predikanten etc.)?
Voor 20.000 van de 70.000 personen in het BP zijn de exacte levensjaren bekend. Deze komen uit de 16de t/m 19de eeuw. De gegevens van vóór de zestiende eeuw vertonen te veel hiaten, die van de 20ste eeuw laat ik buiten beschouwing omdat veel 20ste-eeuwse bekendheden nu nog leven en dat een vertekend beeld geeft. De meeste personen met geboorte- en sterfjaar in het BP leefden in de 19de eeuw (meer dan 11.000), maar ook voor de zestiende tot en met de achttiende hebben we met respectievelijk 1.277, 2.335 en 3.665 personen voldoende data. In het BP zijn personen ingedeeld in categorieën. Dat is handig voor de vergelijking van groepen, maar brengt ook een vertekening met zich mee, aangezien sommige personen zijn ingedeeld bij diverse categorieën. Volgens een statistisch verantwoorde benadering zou dit effect moeten worden uitgefilterd, maar het betreft slechts zo’n duizend personen (vijf procent van het totaal). Voor het doel van deze exercitie is het effect daarvan beperkt. Bovendien zijn de resultaten homogeen; daarom heb ik van een correctie afgezien. Voor de getallen die hieronder worden gegeven dient men zich echter te bedenken dat ze enigszins vertekend kunnen zijn.
De gemiddelde levensverwachting bij de geboorte was in de vroegmoderne tijd ten hoogste 35 jaar. Het is niet zo eenvoudig betrouwbare gegevens te vinden over levensverwachtingen voor degenen die hun kinderziektes doorstonden; de (verspreide) bronnen suggereren dat deze mensen een leeftijdverwachting hadden van 50 jaar, 55 volgens de meest optimistische schattingen. Voor de selectie uit het Biografisch Portaal blijkt de gemiddelde leeftijd een stuk hoger te zijn geweest. Om precies te zijn: gemiddeld ruim 64 jaar als we de negentiende eeuw meerekenen, en 62 als we die buiten beschouwing laten.
Van deze personen was ongeveer de helft beeldend kunstenaar (ruim 10.000). Ongetwijfeld is dat vooral te danken aan de enorme database van het RKD, maar ook in andere biografische woordenboeken zijn beeldend kunstenaars van oudsher ruim vertegenwoordigd. Andere grote groepen zijn 'onderwijs en wetenschappen' (ruim 2100 personen) en 'godsdienst en religie' (ruim 2900 personen), waaronder heel veel predikanten.
Tabel 1: gemiddelde leeftijden voor geselecteerde categorieën uit het Biografisch Portaal
| eeuw | A | P | K | R | O | G | S | T | L | B | Z | Tot |
| 16e eeuw | 57 | 63 | 55 | 62 | 60 | 60 | 61 | 60 | 61 | 62 | 65 | 60 |
| 17e eeuw | 59 | 63 | 56 | 58 | 63 | 62 | 60 | 66 | 60 | 66 | 65 | 61 |
| 18e eeuw | 65 | 69 | 64 | 65 | 68 | 67 | 66 | 63 | 65 | 68 | 66 | 66 |
| 19e eeuw | 66 | 71 | 67 | 67 | 72 | 70 | 70 | 66 | 71 | 71 | 67 | 70 |
| Totaal | 61 | 68 | 62 | 64 | 70 | 66 | 69 | 66 | 69 | 69 | 66 | 68 |
Tabel 2: afwijkingen van gemiddelde leeftijden tov de gemiddelde leeftijd voor geselecteerde categorieën uit het Biografisch Portaal
| eeuw | A | P | K | R | O | G | S | T | L | B | Z | Tot |
| 16e eeuw | -3 | 3 | -5 | 2 | 0 | 0 | 1 | 0 | 1 | 2 | 5 | 60 |
| 17e eeuw | -2 | 2 | -5 | -3 | 2 | 1 | -1 | 5 | -1 | 5 | 4 | 61 |
| 18e eeuw | -1 | 3 | -2 | -1 | 2 | 1 | 0 | -3 | -1 | 2 | 0 | 66 |
| 19e eeuw | -4 | 1 | -3 | -3 | 2 | 0 | 0 | -4 | 1 | 1 | -3 | 70 |
| Totaal | -7 | 0 | -6 | -4 | 2 | -2 | 1 | -2 | 1 | 1 | -2 | 68 |

legenda voor tabel 1-2 en grafiek:
A – Adel
P – Politiek/bestuur
K – Krijgsmacht
R – Recht
O – Onderwijs/wetenschap
G – Godsdienst
S – Beeldende kunst
T – uitvoerende kunst
L – letterkunde
B – Bedrijfsleven
Z – Zorg
Tot – Totaal
In tabel 2 en de grafiek staan per categorie aangegeven wat de afwijking was ten opzichte van de gemiddelde leeftijd van de hele populatie. De gemiddelde leeftijd van schilders (S) voor de 16de tot en met de 19de eeuw week maar één jaar af van de totale gemiddelde leeftijd. Inderdaad had de categorie adel (A) een grotere afwijking (dwz een lagere levensverwachting) ten opzichte van het gemiddelde, evenals personen die tot de krijgsmacht (K) en het recht behoorden. In deze laatste categorie zijn echter ook misdadigers gerangschikt. Bij de overige categorieën personen lagen de leeftijden dicht bij het gemiddelde. Tussen de verschillende groepen kunstenaars (S, T en L) was bijvoorbeeld geen noemenswaardig verschil. Het zou de moeite waard zijn daar verder onderzoek naar te doen en bijvoorbeeld verschillen in stad en platteland of sekseverschillen zichtbaar te maken.
Mijn voorlopige conclusie: Nederlanders werden in de vroegmoderne tijd een stuk ouder dan tot nu toe werd aangenomen. Dat geldt voor vrijwel alle categorieën personen in het Biografisch Portaal, alleen de adel en de militairen bleven achter. Natuurlijk is de elite in het Biografisch Portaal oververtegenwoordigd, en bovenal: mensen die lang genoeg leefden om iets te presteren. Maar duidelijk wordt wel dat de beroemdheden uit de middengroepen zoals schilders, predikanten en literatoren in het BP een opmerkelijk gemiddeld beeld tonen.
Een tweede conclusie mag zijn dat het Biografisch Portaal zich prima leent als een laboratorium waarmee vragen en hypothesen over groepen personen in het verleden van Nederland snel kunnen worden gecheckt en getoetst. Zoals altijd met historische gegevens is voor een steekhoudende verklaring meer onderzoek nodig, maar als startpunt hebben we er met het BP een heel nuttig laboratorium bij.
(voor een overzicht van gegevens over levensverwachting in het verleden zie J. de Vries, A.M. van der Woude, Nederland 1500-1850. De eerste ronde van moderne economische groei, (Amsterdam, 1995), 67; voor de 19e eeuw Poppel, F. van & P. Ekamper (2010), Historische ontwikkeling van de sterfte in Nederland. In: A.H.P. Luijben & G.J. Kommer (eds.), Tijd en toekomst; deelrapport van de VTV 2010 Van gezond naar beter. RIVM-rapport 270061008, Houten: Bohn Stafleu Van Loghum, p. 20-25 en voor een internationaal overzicht Tommy Bengtson, Frans van Poppel, “Socioeconomic inequalities in death from past to present: An introduction” Explorations in Economic History 48 (2011), 343-356)
Rik Hoekstra
Smart Erfgoed
donderdag 6 oktober 2011
Het Biografisch Portaal bevat zó veel personen, dat wij al tijden piekeren over een manier om al dat materiaal speels te ontsluiten en te gebruiken. Maar hoe dat precies gebeuren moet, blijft een terugkerende vraag: een app misschien, of een mobiele website, gamification… Om hierover nieuwe ideeën op te doen, nam ik vorige week deel aan de workshop Smart Erfgoed, die de Waag Society samen met Stichting Mediagilde van 27 t/m 29 september organiseerde.
Onder de bezielende leiding van Loic Tallon (Pocket-Proof), Klaas Kuitenbrouwer (Virtueel Platform) en Auke Ferwerda (Media Guild) gingen teams van diverse erfgoedinstellingen drie dagen lang aan de slag met hun data. Doelstelling: niet alleen inspireren maar ook mobiliseren om op zoek te gaan naar nieuwe ontsluitingsmogelijkheden.
Inspirerend was het zeker, maar behalve inspiratie was het voor mij vooral een opfriscursus. Want waar moet je nu echt op letten bij de ontwikkeling van een app? Dat het een ervaring is. Dat je duidelijk formuleert wat je doel is en wat je doelpubliek is. Dat je nadruk legt op de kracht van je collectie of instelling. Dat de app simpel is. Dat je samenwerkt. En vooral dat je communiceert “beyond words”.
Hoe maak je van die ruim 65.000 personen een beleving? Hoe zorg je dat je die biografieën communiceert “beyond words”? Op die vragen heb ik (nog) geen antwoord gevonden. Maar wel kwam ik zo op een ander idee: het Biografisch Portaal kan wel dienen als biografieën-leverancier voor de apps van andere instellingen. Daarmee leggen we inderdaad het accent op onze eigen kracht en werken we samen. Daarom hierbij een oproep: culturele instellingen die een app willen bouwen en daarvoor biografische informatie nodig hebben, meldt u bij ons! Wij willen graag dat ons bestand zo goed mogelijk wordt gebruikt, ook voor hippe apps.
Jeltje Zijlstra
Afscheidscadeau
donderdag 1 september 2011
Aan alle goede dingen komt een eind en helaas geldt dat ook voor onze tijd bij het Biografisch Portaal. Vanaf januari hebben wij hard gewerkt om het portaal te vullen met zoveel mogelijk informatie. Als klap op de vuurpijl kregen wij in onze laatste week nog een mooi afscheidscadeau: nieuwe invoervelden. Deze stellen ons in staat om in het portaal nog meer informatie op te nemen over het leven en werk van de beschreven personen. Dit betekent dat wij vanaf nu ook de resultaten van eigen onderzoek in het portaal openbaar kunnen maken.
Met dit laatste hebben wij in onze laatste week een voorzichtige start gemaakt. Voor een selecte groep van ‘grootste’ Nederlanders zijn door onze vrijwilligers aanvullende kerngegevens opgezocht. Hierbij valt te denken aan opleiding, beroep en aanvullende literatuur, maar ook informatie over ouders, huwelijken en kinderen. Deze gegevens worden nu stukje bij beetje toegevoegd aan het portaal.
Het mooiste is dat we nu ook binnen het portaal kunnen ‘linken’ waardoor er langzaam maar zeker een netwerk van relaties ontstaat. Mooie voorbeelden van hoe deze netwerken vorm kunnen krijgen zijn de persoonspagina’s van Gerardus Joannes Vossius en Jacoba van Beieren. Het is nog maar een pril begin, maar het laat goed zien waar het Biografisch Portaal uiteindelijk naar toe kan groeien. Hoewel wij daar niet meer aan bij zullen dragen, hebben wij er alle vertouwen in dat dit ook daadwerkelijk gaat gebeuren.
Ons rest niets anders dan afscheid nemen: Els, Jeltje, Rik en Jelle, bedankt en veel succes met het schitterende project!
Rens Oving & Herman Nijhuis
Klein- of Groot-Nederlands?
dinsdag 23 augustus 2011
Met onze zuiderburen hebben we een gedeeld verleden. De chronologische grenzen ervan zijn niet helemaal duidelijk, maar je zou kunnen volhouden dat onze nationale geschiedenissen samenvallen tot ca. 1580 en tussen 1814 en 1839. Verder is heel goed vol te houden dat we onze literatuurgeschiedenis gezamenlijk dienen te onderhouden. Vandaar ook dat de BNTL geen onderscheid maakt tussen Noord- en Zuid-Nederlandse schrijvers.
Voor de rest hebben we tegenwoordig de neiging om dat gedeelde verleden niet al te zeer uit te dragen. Voor je het weet word je beschuldigd van een Groot-Nederlandse gedachte. Vandaar ook dat we in ons selectiebeleid van het Biografisch Portaal in principe de huidige staatsgrenzen van Nederland hanteren, hoe ahistorisch dat soms ook is.
In de negentiende eeuw had men er minder moeite mee om de twee nationale geschiedenissen gezamenlijk te behandelen. Dat merken wij dagelijks bij het bewerken van de lemmata uit Van der Aa en het NNBW: daar zitten heel wat namen tussen van lieden die wij Nederlanders nu nooit als behorend bij ‘onze geschiedenis’ zouden durven claimen. Nu deze Zuid-Nederlanders er eenmaal tussen staan, gaan wij ze niet uit het Biografisch Portaal zetten. Maar uit onszelf gaan we geen ‘Belgen’ opnemen.
Althans, dat was ons voornemen. Maar nu de tien delen van het Nationaal Biografisch Woordenboek (NBW) van de Vlaamse Academie digitaal beschikbaar zijn, hebben we na rijp beraad toch besloten om ook deze biografische informatie in het Portaal op te nemen. Vanwege die gedeelde geschiedenis. We zijn er namelijk van overtuigd dat we hiermee de betrouwbaarheid en de rijkdom van het Biografisch Portaal verbeteren. Bovendien is nationale geschiedenis eigenlijk niet meer van deze tijd!
Els Kloek
Zomerwerk
dinsdag 2 augustus 2011
Het weer in Nederland is misschien niet zo zonnig, toch is de zomer echt begonnen. En dat is te merken. Noeste werkers zijn met vakantie. Alleen mensen die ervoor kiezen niet in het hoogseizoen op vakantie te gaan, zijn nu nog aanwezig.
Weken hebben we met het team keihard gewerkt aan een aantal subsidieaanvragen. Nu die verzonden zijn, breekt ook bij het Biografisch Portaal de zomer aan.
Toch blijft het Biografisch Portaal in beweging. Samen met collegae Herman Nijhuis en Rens Oving werken we deze zomer vooral fouten uit het Biografisch Portaal weg. Verschillende personen die onterecht als één persoon in het portaal staan, koppelen we los. En we werken de reacties weg die via de website binnengekomen zijn.
Ook inventariseren we welke personen nog in het Biografisch Portaal ontbreken. Bij het inventariseren van de leemtes kunnen we alle hulp gebruiken. Een beperkte lijst met ontbrekende personen is hier alvast gepubliceerd. Deze zomer vullen we deze lijst verder aan. Alle suggesties zijn dan ook van harte welkom via ons reactieformulier!
Het Biografisch Portaal wenst u een prachtige zomer toe.
Jeltje Zijlstra
De bevolking van het Biografisch Portaal (1 – de bronnen)
donderdag 7 juli 2011
Het Biografisch Portaal wordt nu (juli 2011) bevolkt door 69.950 personen personen, die zijn beschreven in 110.348 biografieën.
Al met al is dat een gemeenschap ter grootte van een stad als Assen of Hoorn: mooi materiaal voor statistische analyses. In deze blog bekijken we de eerste eigenschappen van de BP-bevolking die in het oog springen.
De personen zijn ooit voor beschrijving geselecteerd door de samenstellers van biografische woordenboeken en naslagwerken uit het recente en verdere verleden, om redenen die per bron verschillend zijn. Het kan zijn omdat ze beroemd waren of op hun terrein toonaangevend of belangrijk, omdat ze bijvoorbeeld politicus waren, of uit een bepaalde streek kwamen.
De biografieën zijn als volgt over de verschillende bronnen verdeeld.

Bron Totaal Man Vrouw
| Van der Aa e.a., Biographisch Woordenboek derNederlanden (Van der Aa) | 23.497 |
12.922 |
439 | |
| Nieuw Nederlands Biografisch Woordenboek (NNBW) | 20.997 | 19.833 |
471 | |
| RKD Artists | 18.903 | 16.288 | 2.361 | |
| Digitale Bibliotheek der Nederlandse Letteren | 9.142 | 8.560 | 582 | |
| Parlementair Documentatie Centrum | 3.665 | 3.474 | 77 | |
| Biografisch Lexicon voor de geschiedenis van het Nederlands Protestantisme | 2.187 | 2.149 | 31 | |
| Biografisch Woordenboek Nederland (BWN) | 2.065 | 1.894 | 171 | |
| Levensberichten KNAW-leden (KNAW) | 1.549 | 1.539 | 10 | |
| Portretten van protestanten in het geheugen van Nederland | 1.343 | 757 | 14 | |
| Wikipedia | 1.265 | 1165 | 97 | |
| Van Eijnden en Van der Willigen, Geschiedenis der Vaderlandsche Schilderkunst | 1.150 | 895 | 38 | |
| Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland (DVN) | 995 | 0 | 995 | |
| Glasius, Godgeleerd Nederland | 974 | 961 | 1 | |
| Weyerman, De levens-beschryvingen der Nederlandsche konstschilders en konstschilderessen | 628 | 479 | 13 | |
| Biografisch Woordenboek van het Socialisme en de Arbeidersbeweging in Nederland (BWSA) | 577 | 507 | 67 | |
| Joods Historisch Museum | 401 | 331 | 63 | |
| Nationaal Archief | 325 | 316 | 9 | |
| Biografisch Woordenboek Gelderland (BWG) | 280 | 229 | 51 | |
| Van Gool, De nieuwe Schouburg der Nederlantsche Kunstschilders en Schilderessen | 191 | 173 | 7 | |
| Aletta | 102 | 2 | 100 |
In de tabel staat niet alleen het totaal aantal personen per bron, maar ook de verdeling naar sekse (de som van mannen en vrouwen is niet altijd gelijk aan het totaal: van een aantal personen is het geslacht (nog) niet ingevoerd in de database).
De twee bronnen met de meeste personen zijn de biografische naslagwerken van eind 19e eeuw (Van der Aa) en begin 20e eeuw (NNBW), direct gevolgd door de kunstenaars van Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentie (RKD).
Zoals te verwachten viel, is het aantal gebiografeerde mannen beduidend groter dan het aantal gebiografeerde vrouwen. Dat geldt voor de oudere naslagwerken (in Godgeleerd Nederland van Glasius staat zelfs maar 1 vrouw!), maar ook relatief recente collecties bevatten aanzienlijk meer informatie over mannen dan over vrouwen. Het is dus goed dat er nog wordt gewerkt aan het Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland (DVN) en dat de biografische collectie van Aletta ook in het BP is opgenomen.
Tot slot: de cijfers voor Wikipedia geven een wat vertekend beeld. We staan pas aan het begin van de invoer van Wikipedia-gegevens in het BP.
(wordt vervolgd)
Jelle Gerbrandy & Rik HoekstraEn we noemen haar…
woensdag 29 juni 2011
Het Rijksmuseum heeft een prijsvraag uitgeschreven: verzin een naam voor het meisje met een brede hoed, ergens tussen 1645 en 1650 geschilderd door Caesar van Everdingen. Daarmee kwam ik op het idee om eens te kijken naar de voornamen van de vrouwen in ons Biografisch Portaal: zijn er modes? En zo ja, wat was de mode in de zeventiende eeuw?
De toptien van meisjesnamen in het Biografisch Portaal is:
Algemeen:
1. Maria
2. Johanna
3. Anna
4. Elisabeth
5. Catharina
6. Cornelia
7. Wilhelmina
8. Jacoba
9. Margaretha
10. Petronella
Zeventiende eeuw:
1. Maria
2. Anna
3. Catharina
4. Johanna
5. Wilhelmina
6. Elisabeth
7. Petronella
8. Cornelia
9. Christina
10. Margaretha
Moeten we haar daarom Maria noemen? Nee, die naam hebben we al voor een ander icoon van onze cultuurgeschiedenis gereserveerd. Anna dan maar? Mwah! Die naam lijkt me wat al te gewoontjes voor het meisje met de brede hoed. Eigenlijk lijkt er niet één van de namen uit de 17de-eeuwse toptien erg geschikt voor haar. Daarvoor is ze veel te joyeus. Ik kies voor een andere associatie. Het meisje heeft een mandje met pruimen in haar hand en staat daarom m.i. voor de oogst. Augustus is de oogstmaand, dus mijn voorstel is: we noemen haar Augusta. Dat past meteen mooi bij de voornaam van haar maker. Bovendien geven we haar daarmee een bijzondere naam: Augusta komt niet voor in het Biografisch Portaal.
Els Kloek
Nieuwe-biografieëntrein
dinsdag 21 juni 2011
Een van de ambities van het BP-team is: nieuwe lemmata. Er zijn nog altijd een heleboel personen die interessant genoeg zijn voor opname in het Biografisch Portaal, maar nu geen lemma hebben omdat ze in geen van onze collecties of databases zijn beschreven. Dat zijn vooral recent overledenen: Prins Bernhard, Harry Mulisch, Hans van Mierlo, Anton Geesink, Rudy Kousbroek… Om maar een paar beroemde mannen te noemen. Het BP-team staat te popelen om ook aan dit werk te beginnen, maar daarvoor zullen eerst fondsen moeten worden geworven.
Toch zijn we intussen wel nieuwe lemmata aan het produceren. Het Vrouwenlexicon is namelijk begonnen aan fase 2: de twintigste eeuw. Ongeveer 125 vrouwen zullen in de komende anderhalf jaar beschreven worden en daarmee ook een plaats krijgen in het Biografisch Portaal. De eerste lemmata zijn afgelopen weken gepubliceerd: de illustratrice Fiep Westendorp, de poppenhuisbezitster Lita de Ranitz, de archeologe Emilie Haspels, de harpiste Rosa Spier, schrijfster Madelon Székely-Lulofs en de bergbeklimster Jeanette Diest. Binnenkort komen daarbij: de schrijfster Neel Doff, de archivaris Rinskje Visscher, de liedjesschrijfster en –zangeres Margie Morris, de weldoenster gravin van Bylandt, de kinderboekenschrijfster An Rutgers van der Loeff-Basenau en de journaliste Jeanne Roos.
Ook wordt er binnen het Huygens ING gewerkt aan een ander deelproject dat nieuwe levensbeschrijvingen voor het Portaal oplevert: Jos Gabriëls geeft leiding aan het deelproject BWN-1780-1830. De levensbeschrijvingen van BWN 1780-1830 worden onmiddellijk na afhandeling gepubliceerd op de website van het BWN [link] en via regelmatige updates in het Biografisch Portaal opgenomen. Deze methode hanteert het Biografisch Portaal ook bij de nieuwe lemmata van het DVN.
En zo komt de nieuwe-biografieëntrein langzaam maar zeker in beweging.
Els Kloek
Archivalia
donderdag 16 juni 2011
Het Biografisch Portaal heeft als vaste stelregel dat een collectie alleen wordt opgenomen als deze daadwerkelijk levensbeschrijvingen bevat. Met de opname van databanken als het Parlementair Documentatie Centrum en het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie is hier al enigszins van afgeweken. Deze collecties hebben namelijk vooral veel gegevens over personen, maar geen echte levensbeschrijvingen.
Sinds vorige week heeft het Biografisch Portaal ook links naar het Nationaal Archief toegevoegd op de website. Het betreft inventarissen waarbij een persoon als collectievormer hoort. We linken alleen als die personen al in het Biografisch Portaal zijn opgenomen.
Het is duidelijk dat het bij deze collectie niet om een levensbeschrijving als zodanig gaat, maar wel om relevante informatie over de levens van deze personen. Het koppelen gebeurt handmatig. Dit betekent dat het toevoegen van de links naar het NA langzaam gaat, maar dat het aantal links de komende tijd gestaag zal blijven groeien. En in de toekomst hopen we ook links te kunnen toevoegen naar andere collecties met archivalia over concrete personen. Te denken valt bijvoorbeeld aan het IISG of ALETTA.
Jeltje Zijlstra
Zoeken op godsdienst
maandag 6 juni 2011
Meer zoekvelden: dat is onze ambitie! Want met meer zoekvelden kan de gebruiker beter zoeken in het Biografisch Portaal, en zo zijn of haar eigen selecties van personen samenstellen. Dat kan alleen als die gegevens gestructureerd zijn ingevoerd. Van de circa 70.000 personen in het Biografisch Portaal zijn er nu 53.350 in die zin door ons bewerkt: ze hebben (voorzover bekend) een geboorteplaats en –datum, sterfplaats en –datum, sekse, en ze zijn ingedeeld in één of meer rubrieken.
Kort geleden zijn we nu ook begonnen met het invoeren van het zoekveld ‘godsdienst’. Dat is ingewikkeld, want er zijn heel wat lemmata waarin de godsdienst niet wordt vermeld. Bovendien zijn er ook heel wat mensen die in de loop van hun leven de ene godsdienstovertuiging hebben ingeleverd voor een andere, terwijl wij voorlopig slechts over één godsdienstveld beschikken. Dit is dus echt het prille begin: pas bij 2492 personen is het godsdienstveld ingevuld. Onder hen bevinden zich relatief veel lieden die niet tot de mainstream van het protestantisme behoorden. Zo tellen we nu 977 katholieken, 465 joden, 160 doopsgezinden en 110 lutheranen enerzijds, 267 gereformeerden en 355 Nederlands hervormden anderzijds. Deze cijfers zeggen nu nog niets. Maar wie op zoek is naar doopsgezinden in het BP, kan er nu dus al 160 vinden. We doen ons best om in de loop van de komende maanden het godsdienstveld van de in onze bestanden opgenomen personen wat beter ingevuld te krijgen. We hebben nog een lange weg te gaan…
Els Kloek
Spelen
vrijdag 20 mei 2011
Als ik thuiskom na een dag werken aan het Biografisch Portaal plof ik meestal uitgeput op de bank. De televisie gaat aan voor een simpele serie, of ik neem ik de laptop op schoot voor een computerspelletje, zoals Tetris.
Het is eigenlijk wel opmerkelijk dat ik nog zin heb in zo’n beeldscherm na een dag BioPorten (zoals ik het graag noem). Dat houdt in: Biografisch Portaal bijwerken, nieuwe data invoeren, koppelen en ontkoppelen, Els met allerhande klusjes helpen, de webredactie bijhouden en tientallen e-mails versturen, want ik ben een soort ‘community manager’.
Dat laatste spreekt zo vanzelf dat ik niet door heb hoeveel reacties ik intussen weggewerkt heb. Het zijn er (zo hoorde ik) inmiddels al zo’n 1600! Tientallen berichten van mensen die graag iets aan het Biografisch Portaal willen toevoegen, corrigeren, aanpassen. Dit zou eigenlijk gemakkelijker moeten kunnen en onder andere hierover hebben we (het BP-team) afgelopen vrijdag in het Trippenhuis te Amsterdam met elkaar gesproken, onder leiding van Philip van der Heijden (hoofd P&O van het KNAW).
Op deze bijeenkomst legden we een aantal puzzelstukken naast elkaar, zoals de binnengekomen reacties, de resultaten van de bijeenkomst “Van Wiki naar Wetenschap” en onze toekomstvisie. Dit leverde allerlei inzichten op, zoals het idee om meer te gaan doen met de kopstukken in het Biografisch Portaal. Het Biografisch Portaal kan uitgroeien tot een museaal mausoleum: aan de hand van biografieën wordt de Geschiedenis van Nederland verteld.
Op deze manier willen we het werk dat een aantal vrijwilligers tijdens maart heeft uitgevoerd optimaal benutten. We hebben namelijk van een aantal kopstukken deze achtergrondinformatie al liggen, maar momenteel past deze informatie nog niet in de informatiestructuur van het Biografisch Portaal.
Ook denken we erover te gaan spelen met onze ‘bewerkapplicatie’. Deze technische achterkant zouden we kunnen versimpelen tot een ontspannend spel (of iPhone App).
Werk aan de winkel dus. Zodat ik straks kan neerploffen op de bank en voortaan niet langer Tetris opstart, maar met het BioPortaal speel.
Jeltje Zijlstra
Nieuwe schetsen in het BWSA: auteurs gezocht
dinsdag 3 mei 2011
Het BWSA (Biografisch Woordenboek van het Socialisme en de Arbeidersbeweging in Nederland) verscheen in negen gedrukte delen (1986-2003) en is vanaf 2003 digitaal te raadplegen (via het IISG en via dit Portaal). Per 1 mei 2011 zijn zeven nieuwe schetsen toegevoegd en is een lijst van namen opgesteld van nog te schrijven levensschetsen. De redactie zoekt hiervoor auteurs. De namen, richtlijnen en procedures zijn op de website van het BWSA te vinden. De redactie is te bereiken via bwsa@iisg.nl. Ook is de redactie op zoek naar nieuwe, liefst jonge redacteuren. Personen die een redacteurschap nastreven, kunnen zich met argumenten bij de redactie melden, die zich het recht voorbehoudt hierover rustig na te denken.
Bob Reinalda namens de BWSA-redactie
DVN 20e eeuw
maandag 2 mei 2011
Het Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland is begonnen aan fase 2: de 20ste eeuw. Het gaat om vrouwen die na 1850 zijn geboren. Voor een lijst met kandidaten, klik hier.
Els Kloek
Terug in Den Haag
donderdag 14 april 2011
Inmiddels zijn we al weer even terug op onze vertrouwde werkplek in Den Haag, of zoals we het in het Biografisch Portaal noemen: ’s-Gravenhage. Een maand Amsterdam heeft ons goed gedaan: naast een uitermate prettige werkplek met veel daglicht en uitzicht op het altijd levendige stadscentrum heeft het ons team ook een boel wijsheid en inspiratie opgeleverd ten aanzien van ons vrijwilligersplan. Het was fijn eens een aantal (mogelijke) gebruikers van het Portaal te ontmoeten en gedachten uit te wisselen over de website: wat zouden wij van hen willen vragen, hoe zien zij het Portaal en wat zouden ze er aan willen bijdragen?
De groep vrijwilligers groeit gestaag en het is aan ons hen betrokken te houden door ze een taak te geven waar ze zich prettig bij voelen. Hierbij proberen we een taak te formuleren die is toegespitst op de specifieke expertise van de persoon in kwestie. Tijdens het CV-café hebben we met verschillende vormen van vrijwilligerswerk geëxperimenteerd: een aantal mensen heeft vanuit huis gegevens toegevoegd aan het Portaal, anderen hebben dit terplekke in ons ‘café’ gedaan en weer anderen hebben onze gegevens via andere bronnen gecontroleerd en waar nodig aangevuld. Beetje bij beetje hopen we de community verder vorm te geven en uit te bouwen.
Afgezien van de groep actieve vrijwilligers is (nadat iedere persoon in het Portaal een eigen reactieveld heeft gekregen) ook de stroom aan reacties op de website flink toegenomen. Alhoewel dit ook reacties oplevert waar we niets mee kunnen (“weet u soms hoeveel schilderij x van schilder y waard is?”), zijn we blij dat veel mensen via deze weg hun kennis met ons delen en zo de inhoud van het Biografisch Portaal verbeteren.
Herman Nijhuis
Een maand CV-Café
maandag 4 april 2011
De Boekenweek ‘Geschreven portretten’ is voorbij, en de maand van het CV-Café ook. Het team is terug naar Den Haag, maar het begin van een netwerk van vrijwilligers is gemaakt.
Resultaat van één maand keihard werken in het Erfgoedlab aan de Oude Turfmarkt (UvA):
- DBNL en PDC opgenomen (respectievelijk 9163 schrijvers en 3714 politici en bestuurders)
- 12.764 koppelingen aangelegd (en dat betekent: zo’n 6350 personen ontdubbeld)
- circa 4000 nieuwe persoonspagina’s aangemaakt
- alle ‘strange ages’ gecorrigeerd (deze ontstaan door foutjes bij de invoer. Bijv. 1524-1680, wat dan moet zijn 1524-1608, etc.)
- bij 1632 mensen is de religieuze overtuiging toegevoegd
- biografische gegevens van schrijvers gecheckt en verbeterd (helaas: hier stond geen teller op)
- flyers over BioPortaal verspreid over ca. 100 archieven en bibliotheken
- plannen gemaakt over verdere uitbouw van een community
- zo’n 35 vrijwilligers geworven
Als team zijn we heel tevreden. Om even een heel concreet voorbeeld te geven: in het NNBW zitten ca. 22.000 personen. Daarvan hadden er op 1 maart nog altijd ruim 6.000 geen ingevulde persoonspagina. Nu hoeven we er nog maar 2400. Bijna klaar dus!
Het afsluitende panel over crowdsourcing op 1 april was zeer stimulerend. Een van de lessen die we hebben geleerd: wees duidelijk wat je verwacht van vrijwilligers, zorg dat ze het gevoel hebben erbij te horen en geef ze de credits voor wat ze doen. Daarover binnenkort meer.
Els Kloek
Borstentasters
woensdag 30 maart 2011
De Nederlandse geschiedenis is niet alleen leerzaam maar ook vaak erg leuk. In de twee maanden die ik nu aan het biografisch portaal werk zijn veel onwaarschijnlijke, avontuurlijke en spannende levensverhalen aan mij voorbijgetrokken. Sommige Nederlanders leefden waarlijk groots en meeslepend. Maar ook kleine gebeurtenissen kunnen smeuïge verhalen opleveren, zoals het relaas van de Haarlemse doopsgezinde ‘borstentasters’ laat zien.
De vroege geschiedenis van de doopsgezinde gemeenten wordt gekenmerkt door interne ruzies, scheuringen en pogingen tot hereniging. De doopsgezinden in Haarlem vormden hierop geen uitzondering. Aan het begin van de 17e eeuw waren er in deze stad vijf verschillende doopsgezinde gemeenten, de Hoogduitschen, de Waterlanders, de Friezen, de Vlamingen en de Oud Vlamingen. Alsof dit nog niet genoeg was ging het rond 1620 in de laatste groep goed mis. Een mannelijk lid van de gemeente had zijn vleselijke lusten niet langer kunnen bedwingen en zich voor het huwelijk aan zijn verloofde vergrepen. De twee voorgangers van de Oude Vlamingen, Vincent de Hondt (www.biografischportaal.nl/persoon/82327077) en Lucas Philips, kregen ruzie over de straf die hierop moest volgen. De Hondt was streng in de leer en pleitte voor uitstoting van de jongeman, Philips haalde zijn hand over het hart en vond dit te ver gaan. Een scheuring was het gevolg en Haarlem was een nieuwe doopsgezinde gemeente rijker, de ‘borstentasters’.
Het zou nooit meer goedkomen tussen de twee groepen, tot 1700 bleven zij naast elkaar bestaan. De borstentasters stierven uiteindelijk uit door gebrek aan nieuwe aanwas, ondanks hun betrekkelijk losse sexuele moraal. Maar gelukkig voor ons is hun verhaal bewaard gebleven en mede dankzij het biografisch portaal voor iedereen toegankelijk.
Crowdsourcing: van Wiki naar Wetenschap?
maandag 21 maart 2011
Crowdsourcing: van Wiki naar Wetenschap?
1 april 2011, 15:00-17:00, Nina van Leer Zaal, Allard Pierson Museum
‘Crowdsourcing is een Engelstalig neologisme, gebruikt om een recente ontwikkeling aan te duiden, waarin organisaties (overheid, bedrijven, instituten) of personen gebruikmaken van een grote groep niet vooraf gespecificeerde individuen (professionals, vrijwilligers, geïnteresseerden) voor consultancy, innovatie, beleidsvorming en onderzoek.’
(Wikipedia, 16-3-2001)
Forumdiscussie over de vraag: Kan de Nederlandse cultureel-wetenschappelijke gemeenschap profiteren van crowdsourcing?
Gespreksleider:
Els Kloek, projectleider Biografisch Portaal, en Steph Scholten, directeur Divisie Erfgoed UB UvA
Panelleden:
Hay Kranen, secretaris WikiMedia, front end ontwikkelaar bij VPRO digitaal
Jan Willem Alphenaar, Spreker en schrijver over Social Media, Webcare, PR 2.0, co-creatie, crowdsourcing en DSBTheMovie.
Karina van Dalen-Oskam, Onderzoeksleider ‘ICT en teksten’ Huygens ING (Elaborate)
Martijn Spruit, hoofd automatisering Centraal Bureau voor Genealogie
Hans Beelen, Bijbeldigitaliseringsproject Instituut voor Nederlandse Lexicografie
16:30 Afsluitende borrel in het Museumcafé
Vorm of vent
woensdag 16 maart 2011
Vandaag begint de Boekenweek van 2011, met als thema ‘Curriculum vitae – geschreven portretten’. Niet iedereen is daar even blij mee. De oude discussie over ‘vorm of vent’ komt weer tot leven: wat nou biografieën?! Het gaat om de literatuur zelf, niet om de persoon uit wiens pen die literatuur is voortgekomen. Al dat gepsychologiseer ook, en al die biografische details die je helemaal niet nodig hebt om literatuur tot je te nemen…
OK, dat begrijp ik wel. Maar niet alle biografieën zijn schrijversbiografieën. En niet alle biografieën zijn vuistdik. In het Biografisch Portaal verzamelen we biografische informatie over alle mogelijke personen uit het Nederlands verleden: politici, dominees, schilders, criminelen, artiesten, denkers, wetenschappers, monniken, ontdekkingsreizigers, en ga zo maar verder. Het gaat ons niet om de persoon achter het werk, maar om overzichtelijke informatie over mensen die er ooit toe hebben gedaan. Geschiedenis is namelijk geen abstract proces, al zou je dat bij lezing van sommige historische werken wel denken: daar komt geen mens meer in voor.
Nee, geschiedenis is mensenwerk. En daarom werken wij aan de grootste collectie ‘geschreven portretten’ van Nederland. Het zijn eigenlijk allemaal cv’s. We hebben er nu al meer dan 65.000 verzameld, en daar zijn we heel trots op. De Boekenweek hebben we aangegrepen om mensen op te roepen om hun steentje bij te dragen aan onze verzameling, en dat werpt langzaam maar zeker zijn vruchten af.
Wij zijn dus juist heel erg blij met dit thema van de Boekenweek 2011!
Els KloekExpertmeeting Biografisch Portaal
maandag 14 maart 2011
Op 10 december 2010 hield het Biografisch Portaal een expertmeeting over het potentieel van websites als het Biografisch portaal voor nieuw onderzoek. Hierbij het verslag en de presentaties die de diverse sprekers op die dag hebben geleverd:
- Maarten Marx (UvA): Verbinden van biografieën aan documenten
- Marten Jan Bok (UvA): Collectief biografisch onderzoek: schilders en de markt
- Kees Mandemakers (IISG): Historisch steekproef Nederlandse bevolking
- Antheun Janse ( RUL): Adel in de Bourgondische Nederlanden en het Biografisch Portaal van Nederland
- Rik Hoekstra (Huygens ING): Verslag expertmeeting Biografisch Portaal 10 december 2010
Els Kloek
Politici in het Portaal
donderdag 3 maart 2011
CV-Café geopend
dinsdag 1 maart 2011
Met prachtig uitzicht op het Rokin zitten we te werken aan het Biografisch Portaal wanneer een man op een blauwe fiets voorbij komt. Hij zwaait uitbundig, met een iPhone in zijn hand. Hij maakt een foto, lacht, zwaait nog meer, keert om en fietst gauw verder.
Een flitsbezoek van Eppo van Nispen tot Sevenaer. Enthousiast zwaaien we terug.
Gister ontving Eppo van Nispen tot Sevenaer een officiële oorkonde in een drukbezocht CV-Café. Als eerste vrijwilliger van het Biografisch Portaal was het aan de directeur van het CPNB om het CV-Café feestelijk te openen.
Niet alleen is Eppo onze eerste vrijwilliger, maar ook is hij de bedenker van het thema van de Boekenweek van dit jaar: ‘Curriculum vitae – geschreven portretten’. Daarom was juist hij de uitgelezen persoon om ons CV-Café te openen. Enthousiast prees hij het Biografisch portaal als de grootste collectie ‘geschreven portretten’ van Nederland. Ook was hij zeer te spreken over het idee om in de maand van de Boekenweek vrijwilligers en andere deskundigen te gaan mobiliseren om ons te helpen onze informatie te verrijken en te verbeteren. Het woord ‘crowd sourcing’ had hij niet nodig om de mogelijkheden te schetsen die ons digitale tijdperk biedt voor een groot en ambitieus project als het Biografisch Portaal.
Met de opening van het CV-Café willen we vooral het signaal afgeven dat we hulp kunnen gebruiken bij de verdere ontwikkeling van het Biografisch Portaal. Daarbij denken we aan hulp bij onze data-invoer, waarvoor u zich kunt opgeven via deze link [link]. Maar dat niet alleen. Ook als u aperte fouten ontdekt in het Portaal, kunt u ons dat melden via de reactieknop bij de betreffende persoon. Verder leggen we een lijst aan met lacunes in ons bestand. Zoekt u een persoon, maar is die nog niet vindbaar, meld ons dat dan via de algemene reactieknop. We zetten dan zijn/haar naam op deze lijst!
Deel vooral uw kennis met ons, ter verbetering en verrijking van onze gegevens. Met uw aanvullingen, correcties en toevoegingen willen we in de maand maart een vliegende start maken met de verrijking van onze gegevens.
Niet alleen Eppo is welkom voor een (flits-)bezoek. U ook! Kom de komende maand dus vooral langs in ons CV-café aan de Oude Turfmarkt 129 te Amsterdam en maak daar kennis met het team van het Biografisch Portaal.
Jeltje Zijlstra
DBNL als verjaarscadeautje
donderdag 17 februari 2011
Vandaag precies een jaar geleden werd de site van het Biografisch Portaal gelanceerd. Alexander Rinnooy Kan, de eregast die de opening mocht verrichten, voerde toen een hilarische act op door met de muis in de lucht te zwaaien, als ware hij onze oud-premier Wim Kok. Het Portaal is nu één jaar en in dat jaar enorm gegroeid, zoals dat gaat bij pasgeborenen. Het bevatte een jaar geleden circa 50.000 biografieën, nu ruim 111.000. Toen waren er zeven collecties in het Portaal opgenomen, nu achttien!
Het is geweldig dat een van de belangrijkste collecties, die van de DBNL, juist vandaag aan het Biografisch Portaal is toegevoegd. Zo’n 20.000 nieuwe biografieën hebben we er zo bij gekregen. Dat is een mooi verjaarscadeautje voor een éénjarige! We zijn er erg blij mee, want het is een enorme verrijking van onze informatie. Dankzij de DBNL zijn nu allerlei letterkundige naslagwerken via ons Biografisch Portaal raadpleegbaar. En dat terwijl de Boekenweek en het CV-café voor de deur staan. De fase van meer sociale interactie is dus aangebroken. Zo hoort dat bij éénjarigen.
Els Kloek
UvA ErfgoedLab #6: Werk mee in het CV-Café aan de grootste collectie ‘geschreven portretten’ van Nederland!
woensdag 16 februari 2011
Dromen van duizenden
maandag 7 februari 2011
Afgelopen donderdag (2 feb.) stond ik even stil bij mijn eigen verleden. We vierden de afsluiting van het Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland. Voor mijn dankrede spitte ik in schriftjes, notities, vergaderstukken, flyers en ‘te-doen-lijstjes’ die van dat verleden getuigen, en zo drong het thema van mijn praatje zich vanzelf aan me op: dat moest gaan over mijn droom die dankzij de inzet van anderen is uitgekomen. Rond het jaar 2000 bedacht ik het plan om een biografisch woordenboek van vrouwen te maken, maar durfde ik daar nauwelijks over te praten – al te megalomaan. Nu, anno 2011, bevat het DVN ruim duizend lemmata (1010, om precies te zijn). Bovendien staan al die vrouwen in het Biografisch Portaal! Wat wil een mens nog meer?
Ik wilde meer! Ik droomde van een nieuw NNBW, en die droom was nog veel megalomaner. Onhaalbaar eigenlijk. Gelukkig is er nu een heel redelijk alternatief: het Biografisch Portaal, een verzameling van bestaande biografische collecties. Omdat we steeds nieuwe collecties toevoegen, groeit ons portaal gestaag. Zo zijn onlangs de biografieën van Aletta – Instituut voor Vrouwengeschiedenis toegevoegd, en komen daar binnenkort de collecties van het PDC en de DBNL bij. Door deze optelsom gaat het niet om een povere duizend, maar inmiddels om bijna tachtigduizend, en waarschijnlijk binnenkort dus om meer dan honderdduizend biografieën. Duizelingwekkend!
Deze uitbreidingen van het Portaal betekenen dat het BP-team steeds weer nieuwe data moet invoeren: de nieuwe biografieën moeten worden gekoppeld en gemetadateerd. Dat is veel werk en daarom zetten we een vrijwillersnetwerk op. Via dit vrijwilligersbestand willen we de kwaliteit van onze informatie verbeteren. Een eerste oproep is hiervoor al geplaatst. De enthousiaste reacties stroomden direct binnen. We denken er nu over om groslijsten van ontbrekende personen te gaan aanleggen. Suggesties hiervoor zijn altijd welkom.
Wie weet komt ook die andere droom nog ’s uit.
Els Kloek
Vrijwilligers gezocht en nieuwsbrief gelanceerd
donderdag 3 februari 2011
Het Biografisch Portaal van Nederland heeft grote plannen voor 2011. De kern daarvan is dat we een begin willen maken met de opbouw van een eigen netwerk van adviseurs en vrijwilligers. Het BioPort is nu bijna een jaar online en bevat op dit moment zeventien collecties. Tot nu toe werkten alleen leden van het BioPort-team aan de invoer van data, die zij steeds letterlijk overnamen uit de opgenomen collecties. Hierin gaan we verandering brengen: we willen onze data verbeteren, en we willen méér data invoeren. Om dat te bereiken doen we graag een beroep op de deskundigheid in het land om de data te verbeteren en op het enthousiasme van vrijwilligers om ons te helpen bij de data-invoer. Met een BioPort-Nieuwsbrief zullen wij geïnteresseerden op onregelmatige basis (maximaal 6 keer per jaar) op de hoogte houden van onze vorderingen.
Ter gelegenheid van de Boekenweek 2011, met als thema ‘geschreven portretten’zal het BioPort-team in de maand maart zijn werkplek verplaatsen naar de Oude Turfmarkt (nr. 129) in Amsterdam, waar het samen met het Erfgoedlab van de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam de deuren opent van het zogenaamde CV-café (zie het persbericht). In het gebouw van de Bijzondere Collecties kan iedereen kennismaken met ons en onze werkwijze. Ook worden er die maand korte introducties gegeven aan vrijwilligers die mee willen helpen met de data-invoer of het controleren van gegevens.
Meer informatie over deze activiteiten kunt u krijgen na aanmelding via dit formulier.
Wilt u niet als vrijwilliger meewerken, maar wel op de hoogte blijven, geef u dan op voor de onregelmatig verschijnende nieuwsbrief via deze link.
Het Biografisch Portaal is tegenwoordig ook op Twitter te vinden. Volg ons via twitter.com/bioportaal.
Graag tot ziens in 2011!
Jeltje Zijlstra
Assistentie, invoerwerk en gepuzzel
donderdag 20 januari 2011
Eind vorig jaar (begin november) heeft Mandy Prins ons verlaten. Dat was natuurlijk jammer, want ze was ruim een jaar lid geweest van ons team en heeft ons systeem van data-invoer mee helpen opbouwen. We zijn haar dankbaar voor al het meedenken en haar enthousiasme.
Twee assistenten hebben met ingang van 11 januari Mandy's werk overgenomen: Herman Nijhuis en Rens Oving. Samen met Jeltje Zijlstra voeren zij nu de data in voor de zgn. ‘life summary’-pagina die iedere persoon in het BP krijgt, en koppelen ze biografietjes over dezelfde persoon aan elkaar. Gelukkig heeft ontwikkelaar Jelle Gerbrandy een heel mooie, gebruikersvriendelijke invoerapplicatie voor dit invoerwerk gemaakt. Zodoende gaat dit werk semi-automatisch – het programma suggereert data en koppelingen en de mens (in dit geval dus de invoerassistenten) beschikt. Anders gezegd: de assistenten controleren of die data en koppelingen wel juist zijn.
Zo vinden we soms ook fouten in het materiaal zelf. We zijn bij voorbeeld in onze bestanden (vooral Van der Aa en NNBW) al heel wat personen tegengekomen die eerder waren gestorven dan geboren. Dat bleek steeds het gevolg van cijferomdraaiingen: 1857 moet 1587 zijn, et cetera. Zelf maken we ook wel eens zo’n foutje trouwens. Onlangs heeft Jelle een 'tool' gemaakt om deze fouten op te sporen: met zijn 'strange ages' vinden we alle onwaarschijnlijke leeftijden, zoals mensen die 300 jaar oud zijn geworden, of –46 (Geert Grote).
Ondanks al deze semi-automatische hulpmiddelen vergt het invoerwerk nog altijd veel oplettendheid van de assistenten. Wat te denken bijvoorbeeld van dit lemma:
‘OOSTERLAND (Abraham) kleinzoon van Abraham Oosterland, in 1655 van Naarden te Rotterdam, in 1657 te Haarlem beroepen en aldaar in Oct. 1678 geboren; zoon van Abrahnm Oosterlant in 1706 als predikant te Goes overleden werd geboren te Goes, was predikant te Barsingerhorn en van daar in 1729 te Delfshaven beroepen, overleed hij in 1754.’
Het is een heel gepuzzel voordat je daaruit de juiste levensjaren van junior hebt gedestilleerd! Werken op de automatische piloot zit er voor de assistenten voorlopig dus niet in.
Els Kloek
Wees eerlijk en niet bang
donderdag 16 december 2010
Op 10 december vond op initiatief van het Biografisch Portaal een werkconferentie plaats over het potentieel van databases zoals het BioPort voor onderzoek. Ik geef toe, dit klinkt wel erg ‘open’, maar het bleek goed te werken: er kwam een levendige gedachtewisseling op gang tussen enerzijds informatici en webdeskundigen en anderzijds specialisten uit de humaniora. Een verslag over de dag zal binnenkort op deze site te vinden zijn. Nu alvast mijn impressies.
De meest indringende les kwam van Maarten Marx: ‘wees eerlijk en niet bang!’ Daarmee bedoelde hij dat je vooral niet moet wachten met publicatie op het web totdat iets AF is. Laat anderen delen in de voortgang van je project. Zijn oproep werd van harte ondersteund door de andere sprekers van het ochtendprogramma, Kees Mandemakers van het succesvolle project Historische Steekproef Nederland, en Jacco van Ossenbruggen, die sprak over de mogelijkheden van het semantisch web en pleitte voor openheid. Tegenwoordig is het heel gewoon om documenten te delen, aldus Van Ossenbruggen, terwijl we dat een paar jaar geleden nog per se niet wilden. Nu wordt het ook tijd om data te delen. Bruggen zijn beter dan muren. Zorg ervoor dat je data unieke codes hebben en stimuleer het linken, dan worden je eigen data vanzelf verrijkt.
’s Middags stelde Hans de Valk, historicus en eminence grise van de bronontsluiting, dat we het toegankelijk maken van data moeten zien als de productie van halffabricaat: de onderzoeker moet er zelf mee aan de slag kunnen om er zijn eigen product van te maken. Daarom is het niet terecht dat er aan dit soort projecten altijd de voorwaarde wordt gesteld van ‘vraaggestuurd onderzoek’. Ook De Valk pleitte dus voor openheid. Kunsthistoricus Marten Jan Bok liet zien wat zijn Ecartico-databank, met duizenden gegevens over kunstenaars tussen 1580 en 1700, aan onderzoekresultaten oplevert. Indrukwekkend waren zijn statistieken en scatterdiagrammen. Zijn site is echter nog niet toegankelijk, en hij kreeg op dat punt dan ook kritische vragen. Hij beloofde haast te maken met publicatie. Tot slot sprak de medievist Antheun Janse over de vraag of het BioPort nu al bruikbaar was als startpunt voor zijn onderzoek naar de adel in de 15de eeuw. Nee dus. Voor zijn specialistische onderzoek is de informatie van het BioPort nog te beperkt en ook te gebrekkig. En dat is niet verwonderlijk bij zo’n nieuw en omvangrijk project. Hij hoopt dat zijn onderzoeksgegevens binnenkort in het BioPort worden opgenomen. Daar wordt inderdaad aan gewerkt.
Hans Blom, voorzitter van de Stichting Biografisch Portaal, sloot de dag af met een oproep om deze discussies vooral voort te zetten. Er moet verder worden gepraat over de ontwikkeling van personal identifiers (in samenwerking met DANS) en er moet een community komen, zodat mensen mee kunnen werken om het Biografisch Portaal verder uit te bouwen. Dat is natuurlijk best eng. Maar: ‘wees eerlijk en niet bang!’
Els Kloek
18.148 kunstenaars
woensdag 24 november 2010
Een van de instellingen die ons helpt biografische informatie te verzamelen is het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie (RKD). Het Rijksbureau beheert – onder andere – een omvangrijke database van kunstenaars en kunstliefhebbers: "RKDartists&". Die database omvat in totaal zo'n 250.000 records. Daar zitten heel veel niet-Nederlanders tussen, en ook kunstenaars die nog leven. Omdat we die twee categorieën niet opnemen in ons Biografisch Portaal van Nederland, en we toch heel graag de gegevens van 'dode' én 'Nederlandse' personen uit RKDartists& in ons portaal wilden hebben, moesten we een schifting maken. Dat is nu gelukt: 18.148 kunstenaars en/of kunstverzamelaars en mecenassen, ooit actief geweest in Nederland maar intussen gestorven, zijn nu gelinkt aan het Biografisch Portaal. Sommigen hebben ook een portret. Dat is mooi, want afbeeldingen maken onze site nog aantrekkelijker.
Omdat het goed gestructureerde gegevens zijn (het is écht een database), konden we de geboorte- en sterfdata van het RKD rechtstreeks overnemen in de 'life summaries' van onze site – dat zijn de pagina’s met kerngegevens per persoon. Die gegevens hoefden we dus niet één voor één in te voeren, godzijdank. Dat scheelt ons zo'n 18.000 minuten, en dat zijn 3000 werkuren, oftewel 78 voltijdse werkweken: tijd die we absoluut niet hebben. We zijn dus heel blij met die gestructureerde gegevens van RKDartists&.
Els Kloek
Zoeken naar namen in het Biografisch Portaal
maandag 6 september 2010
Zoeken naar namen is moeilijker dan het lijkt, want dezelfde naam kan op veel verschillende manieren zijn geschreven. In het Biografisch Portaal wordt dat probleem nog verergerd omdat onze gegevens uit verschillende bronnen uit verschillende periodes komen. Dit kan het zoeken naar namen in het biografisch portaal bijzonder lastig maken, zoals ik zelf ondervond toen ik op “Gerbrandy” zocht en geen enkele biografie vond.
Het zoekalgoritme dat we voor het portaal hebben ontwikkeld probeert dit probleem zoveel mogelijk te verlichten door automatisch ook naar fonetische varianten van een naam te zoeken. Als U, bijvoorbeeld, zoekt naar “Meijer”, vindt U ook personen die “Meier”, “Meyer”, “Mijer” of “Myer” heten. En het maakt niet uit of U op “Suzanna” of “Susanna” Huygens zoekt – U vindt altijd de moeder, de echtgenote en de dochter van Constantijn.
Zonder teveel in detail te treden over de technische implementatie, is het misschien wel interessant om aan de duiden hoe dit ongeveer werkt. Voor iedere naam wordt een “fonetische representatie” opgeslagen, die, min of meer, reflecteert hoe de naam wordt uitgesproken. Zo weten we bijvoorbeeld dat “ae” en “aa” eigenlijk hetzelfde zijn, dat het verschil tussen een “s” of “sz” aan het eind van een naam niet relevant is, of dat de tussen-n weggelaten kan worden. We hebben een groot aantal van dit soort regels geformuleerd, die we nog steeds aanvullen. Elke zoekopdracht wordt op haar beurt met deze regels gereduceerd, met de representaties van alle namen vergeleken.
Aan de ene kant wilt U natuurlijk graag “alles vinden wat U zoekt”. Aan de andere kant willen we U ook niet lastig vallen met een lijst met honderden namen waarin U alsnog zelf de persoon waarnaar U op zoek was er uit moet vissen. Met het zoekalgoritme hebben we geprobeerd zoveel mogelijk de gulden middenweg tussen te veel en te weinig te bewandelen.
Het is natuurlijk heel goed denkbaar dat U juist wel een naam zoekt die op een specifieke manier is gespeld: U zat helemaal niet verlegen om “slimme” zoekalgoritmes. Om daarin te voorzien is het mogelijk om uw zoekterm tussen aanhalingstekens te plaatsen.
We proberen het algoritme nog steeds te verbeteren. Als U suggesties heeft voor het verbeteren van de zoekresultaten, dan horen we dat graag van U.
Jelle Gerbrandy
De rijkdom van een onderzoeksinstrument
donderdag 27 mei 2010
De uitslag van onze subsidie-aanvraag bij NWO-Groot is binnen. Helaas, onze aanvraag is niet gehonoreerd. De reden:
‘Hoewel dit project voor systematisch collectief biografie-onderzoek een belangrijk onderzoeksinstrument kan worden, bestaat de huidige verrijking van de database nog uit een zeer beperkte set van metadata, met behulp waarvan vooral de selectie van cohorten van individuen kan worden verricht, terwijl het feitelijke onderzoek gedaan moet worden met behulp van het reeds beschikbare onderliggende heterogene biografisch materiaal. Tegelijkertijd bestaat er nog weinig zicht op wetenschappelijke vraagstellingen op grond waarvan de meta-dataset zinvol kan worden uitgebreid, zodat de uitvoering van het onderzoek hiervan kan profiteren. Tevens is niet duidelijk hoe gebruikersvriendelijk het systeem werkt als onderzoekers eigen metadata willen toevoegen.’
Het komt erop neer dat we geen geld krijgen voor wat we willen gaan doen omdat we nog niet hebben gedaan wat we willen gaan doen. Enorm jammer, maar we gaan gewoon door.
Op het moment zijn we druk bezig met het verzamelen van materiaal en het aangaan van samenwerkingsverbanden om onze database te verrijken. Zo zijn we nu in gesprek met Het Geheugen van Nederland, het Rijksmuseum, De Koninklijke Bibliotheek, het Nationaal Archief, Beeld en Geluid, het Catharijneconvent, en dan ben ik nog niet volledig. Ook zijn we in gesprek met individuele onderzoekers die graag hun biografische databank opgenomen zien in ons portaal – het gaat om de grote verzameling van biografische informatie over de adel in de late middeleeuwen van Mario Damen en Antheun Janse.
Intussen werk ik zelf nog altijd aan nieuwe lemma’s voor het Vrouwenlexicon. Daarvoor doe ik op het moment biografisch onderzoek naar enkele zeventiende-eeuwse dichteressen. De meesten van hen waren zeer vroom. Vandaar dat er in hun werk veel namen van predikanten vallen: die schrijven een lovend voorwoord of een mooi drempeldicht, en zelf schrijven de dichteressen ook vaak lofdichten op deze dominees. Nu het Biografisch Portaal er is, ben ik daarom zelf een trouwe klant van dit onderzoeksinstrument: het hele netwerk van die dominees en andere stichtelijke lieden dat in de bundels van deze vrome dichteressen voorkomt, heb ik met een paar klikken bij elkaar. Het is fantastisch, al zeg ik het zelf. Dat merkte ik bij het schrijven van het lemma van Henrica van Hoolwerff (1656-1704). Deze dichteres, op handen gedragen door hoogleraren en predikanten, was meer dan twintig jaar aan bed gekluisterd. Toch wist ze met haar vrome gedichten anderen moed in te spreken en te troosten. ‘Kracht in swakheit’ is de titel van haar gedichtenbundel. Toevallig dat ik net aan dit lemma werkte en enthousiast de rijkdom van het portaal aan het gebruiken was, toen het nieuws van NWO binnenkwam. Of was dit voorbestemd?
Els Kloek
Protestanten, kunstenaars en niet-Nederlandstaligen
woensdag 28 april 2010
Er is al een tijdje geen blog verschenen, maar dat wil niet zeggen dat we stil zitten. Het belangrijkste nieuws is dat het Biografisch Lexicon van het Nederland Protestantisme (BLNP) is gedigitaliseerd en in het Portaal is opgenomen. Tussen 1978 en 2006 is dit lexicon in druk verschenen in zes kloeke delen. Het gaat om meer dan 2200 nieuwe levensbeschrijvingen, geschreven door zeer deskundige auteurs, en als Biografisch Portaal zijn we dan ook erg blij met deze nieuwe aanwinst. We zijn nu druk bezig met het 'identificeren' (het koppelen van levensbeschrijvingen van dezelfde persoon) en ‘bewerken’ (invullen van metadata ten behoeve van de ‘persoonspagina’) van deze nieuwe lemmata. Veel van deze prominente protestanten stonden al in een van onze collecties, dus er valt veel te koppelen. Die operatie maakt het portaal weer betrouwbaarder, want het BLNP is veel accurater wat betreft kerngegevens zoals geboorte- en sterfdata dan het verouderde Van der Aa of het NNBW.
Verder: er wordt hard gewerkt aan het opnemen van biografische gegevens van kunstenaars. Binnenkort zullen de klassieke lexica van Nederlandse kunstenaars van Van Houbraken, Van Gool en Weijerman in het portaal worden opgenomen en zullen we koppelingen tot stand brengen met de onvolprezen RKD-artists van het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie (RKD), van meet af aan een van de partners van het Biografisch Portaal. We houden u op de hoogte!
Tot slot: de site van het Biografisch Portaal is sinds vorige week ook in het Engels raadpleegbaar. Dit wil uiteraard niet zeggen dat de lemmata zelf ook opeens in het Engels beschikbaar zijn. We zijn nu eenmaal een portaal, en dat betekent dat we alleen doorgeleiden naar bestaande informatie. Toch hopen we onze niet-Nederlandstalige gebruikers een dienst te bewijzen met deze Engelse versie – kunnen ze in ieder geval lezen op welke prachtsite ze terecht zijn gekomen.
Els Kloek
Mijmeren en mailen
dinsdag 30 maart 2010
Na een heerlijk lenteweekend schuiven mijn collega Mandy en ik weer achter ons bureau. Het zonlicht en de frisse lucht hebben me wat mijmerig gemaakt. De realiteit van de maandagmorgen is anders: een nieuwe dag vol persoonsbeschrijvingen die we gaan bewerken. Vandaag gaan we aan de slag met leden van de KNAW. De vraag die daarbij vaker dan gewoon opduikt, is: hoort iemand wel in het Biografisch Portaal van Nederland? Vooral de KNAW bevat namelijk nogal wat buitenlanders. Marie Curie bijvoorbeeld, en Albert Einstein. Belangrijke wetenschappers natuurlijk, maar een connectie met Nederland is niet direct duidelijk. Dus plaats ik hen in de map 'buitenlanders', en dat houdt in dat ze niet bij de 'jarigen van vandaag' terecht komen. Dat zou maar verwarring wekken. Het is immers een Biografisch Portaal van Nederland. Maar we houden ze wel in ons bestand, want ze waren ooit lid van de KNAW.
Ondertussen komt er een e-mail binnen. Een man die zich afvraagt waarom hijzelf nog niet in het Biografisch Portaal is opgenomen. Goede vraag. Iemand moet zich op de een of andere manier in de kijker hebben gespeeld, en hij (of zij!) moet dood zijn. Ik mijmer verder: wie van de mensen die ik ken, zullen later een uitgebreid lemma krijgen? Wie zakken in de vergetelheid? Wie worden beroemd? En wat zal er in het lemma van Prins Willem Alexander staan? Of in dat van Katja Schuurman? Een leven is in beweging, daar komt het op neer. Nu kennen we Katja vooral van de televisie. Maar misschien beklijft haar naam op de lange termijn wel meer door het ontwikkelingswerk dat ze doet met haar stichting Return to Sender. Hoofdactiviteiten kunnen op de lange termijn minder belangrijk blijken dan nevenactiviteiten. Of hoop ik dat?
Een nieuw e-mailbericht rolt binnen en haalt me weer terug in de realiteit. Twee biografieën, zo meldt een attente persoon, zijn ten onrechte aan elkaar gekoppeld. Ik bekijk het geval en herstel de fout.Gelijksoortige e-mails komen geregeld binnen. Suggesties voor opname van nieuwe biografische werken, namen die nog ontbreken in het Portaal, incomplete lemma's, secundaire literatuur die recentelijk verschenen is over een persoon. Allerhande vragen en suggesties. Het beantwoorden doorbreekt even mijn reguliere invoerwerk en brengt me in contact met de gebruikers van het Portaal.
De leukste e-mails vind ik de reacties van mensen die zoeken naar iets specifieks. Een groep misdadigers, bijvoorbeeld. Of de minder beroemde maar niet minder belangrijke jazzmusici. Of een van de drie grote schrijvers, Gerard (Kornelis van het) Reve, die naast W.F. Hermans toch zeker ook zijn plek in het Biografisch Portaal verdient.
Helaas zijn niet alle suggesties direct af te handelen. Er wordt wel gewerkt aan opname van meer biografisch materiaal, maar of Reve er op korte termijn in komt , durf ik niet te zeggen. Zelf schrijven we geen nieuwe lemmata (we zijn een 'portaal'), en een feit is dat Reve nog niet in een van de aangesloten collecties is opgenomen. En ook zijn de mogelijkheden om bepaalde groepen van mensen te selecteren nu nog maar beperkt. We hopen het geheel straks beter te ontsluiten. Tot die tijd zijn zulke uitgebreidere zoekopties nog toekomstdromen, waarover we niet alleen mijmeren en mailen, maar waar ook hard aan gewerkt wordt...
Jeltje Zijlstra'Sprekende namen'
donderdag 18 maart 2010
Daar zitten we dan, Jeltje en ik en ongeveer 36.000 personen die nog bewerkt moeten worden. Om de grote bulk makkelijker doorzoekbaar te maken, voegen wij kerngegevens als geboorte- en sterftedatum, plaatsnamen, pseudoniemen en rubrieken toe aan de persoonsbeschrijvingen. Zo zien wij op een werkdag een paar honderd personen aan ons voorbij trekken.
Het lijkt een begin zonder einde om al die lemmas te bewerken. Zoals u zult begrijpen kent het werk dan ook een zekere monotonie. Wij doorbreken die eentonigheid door hardop de teksten die wij al scannend doorlezen te becommentarieren. 'Pijke, dat is toch ook een leuke naam', hoor ik naast mij. En 'wat zou het "ergerlijk levensgedrag" van Hendrik Pieters zijn geweest?' als predikant werd hij erom uit zijn ambt gezet.
Hoe graag we ons werk ook zo snel mogelijk willen doen, allerlei bijzaken krijgen door de overlevingsdrang van onze hersenen meer aandacht dan strikt nodig. We spelen elkaar weetjes door als de 'uitvinder' van de 'eigenheimer': ene Geert Veenhuizen, die ook een Thorbecke- en een Paul Krueger-aardappel kweekte. Zoiets kan altijd nog van pas komen bij de volgende borrel. Sommige data roepen bij mij een sterkere associatie op dan verwacht; iemand die overleed op mijn geboortedatum, leidde even tot een hilarische conversatie over de mogelijkheid van rencarnatie. Maar ja, om nu met u te delen wie het sujet in kwestie was, gaat mij toch iets te ver!
De 'speaking names', namen die gerelateerd zijn aan het beroep van de persoon krijgen steeds meer aandacht. Niet zo opmerkelijk, als je bedenkt dat onze projectleider zelf ook zo'n 'sprekende naam' heeft. In een artikel over haar huisvrouwenboek (Vrouw des huizes, verschenen bij Balans) voegde De Groene Amsterdammer (december 2009) bij haar naam zelfs een 'sic' toe. We komen in het Biografisch Portaal wel gekkere dingen tegen dan een kloeke huisvrouw.
De heer Flipart bijvoorbeeld. Deze kunstenaar is geen graffiti-artiest maar een achttiende-eeuwse portretschilder. En de hele familie De Liefde, die hun naam vanaf vader Evert van Wevelinckhoven ontleenden aan een koopvaardijschip, bleken bijna allemaal vechtersjassen in de Engelse oorlogen. Dan is er een chemicus met de naam Hugo Kruyt, de schilder van tuindecoraties Jacob Appel. Familie van? Ook een regelmatig terugkerende, maar vaak niet-te-beantwoorden vraag. Of moet ik zeggen: NOG niet te beantwoorden? - we zijn met het Portaal immers nog heel wat van plan. En wat te denken van Johan Metzelaar, die zijn carrire begon als timmerman maar uiteindelijk zijn naam grote eer aan deed door architect te worden. Zulke gevallen zorgen voor speculaties. Zouden talenten dan toch genetisch bepaald zijn?
Wellicht vindt u bij een ronde door het biografisch portaal ook prachtexemplaren klinkende of sprekende namen of andersoortige verstrooiende ideeen. Ik wens u veel plezier. Intussen werken Jeltje en ik stug door aan die iets minder dan 36.000 personen die we nog moeten doen.
Mandy PrinsEen Biografisch Portaal van Europa?
woensdag 3 maart 2010
Van 25 tot 27 februari waren Anne-Marie, Jelle en ik op een internationaal congres in München om te praten over de mogelijkheden van internationale samenwerking. De Duitsers, Zwitsers en Oostenrijkers hebben namelijk vorig jaar de handen ineen geslagen om te komen tot een Biografisch Portaal van Europa, en proberen nu ook andere landen erbij te betrekken.
Er waren makers van biografische naslagwerken uit deze drie landen, uit Zweden, Tsjechië, Slovenië, Engeland, Ierland, en uit een heleboel Duitse ‘Länder’, die allemaal hun projecten toonden. Lawrence Goldman van het Oxford DNB hield een wervelende show, ook de Ieren bleken in korte tijd iets heel moois te hebben ontwikkeld (dib.cambridge.org). Probleem alleen is dat deze twee projecten allebei commercieel zijn – de gebruiker moet dus betalen. Door de Duitstalige deelnemers werd veel gesproken over de noodzaak van hun PND: Personennamendatei ( http://de.wikipedia.org/wiki/Personennamendatei), miljoenen persoonsgegevens in een gestandaardiseerde database (ook 14.000 Nederlanders) die wordt gehost door de Beierse Staatsbibliotheek. Ook was er iemand van de Duitse Wikipedia (Mathias Schindler) die liet zien hoe snel en slim de Duitse Wikipedia is, een hoogleraar uit Hamburg (Ulrike Spree) die expert is in onderzoek naar usability en darover een zeer leerzame presentatie hield, een kunsthistoricus uit Marburg (Michael Buchkremer), die een geweldig portaal van portretten aan het maken is: der Digitäle Poträtindex – nog niet online, maar veelbelovend.
Wij Nederlanders traden maar liefst drie keer op: zelf mocht ik meteen bij de opening van de conferentie mijn licht laten schijnen over de perspectieven van internationale samenwerking, Anne-Marie en ik presenteerden op de tweede dag onze Vrouwenlexicon en ons Biografisch Portaal, en Jelle liet de technische ‘achterkant’ van ons portaal zien. Eén ding is zeker: we hebben met onze presentaties indruk gemaakt, juist omdat we met weinig middelen toch al een mooie en goedwerkende site konden laten zien. We hebben voor de ontwikkeling van het Europese portaal onze software en onze werkwijze nog aangeprezen, maar daarmee liepen we misschien een beetje te hard van stapel. De Oostenrijkers, Zwitsers en Duitsers zijn namelijk zelf al een tijdlang bezig met een portaal (zie http://www.biographie-portal.eu/) en houden voorlopig liever vast aan hun eigen aanpak. Zie ook de Franfurter Allgemeine over dit congres.
Gelukkig wilden de – Duitstalige – initiatiefnemers ons wel graag bij hun initiatief betrekken, en die uitnodiging biedt perspectieven. Het zou immers echt prachtig zijn als we het biografisch materiaal ook internationaal kunnen koppelen. Dan wordt het biografisch erfgoed pas echt ‘gedenationaliseerd’, en zal er een prachtig transnationaal onderzoeksinstrument ontstaan. Wie kan daar nu tegen zijn?
Els Kloek
De toespraak Hans Blom van 17 februari
woensdag 3 maart 2010
Els Kloek
De grotere broer van het Biografisch Portaal
dinsdag 23 februari 2010
Veel tijd om uit te blazen hebben we niet na de intensieve week waarin onze site officeel gelanceerd werd. Vandaag zit ik alweer te tikken aan een lezing voor een conferentie in München waar ik aanstaande donderdag met Els naar af zal reizen – tenminste: als Lufhansa de staking gestaakt heeft. Met de loftrompetten over de kick-off van het Biografisch Portaal van Nederland nog in de oren, zullen we in München onder andere moeten discussiëren over de mogelijkheden van een Biografisch Portaal van Europa.
Als ik eraan denk hoeveel werk we hebben moeten verzetten om de Nederlandse versie van de grond te krijgen, denk ik liever nog even niet aan deze grotere broer van ons project. Niettemin verheug ik me erop te horen waar collega’s uit omringende landen mee bezig zijn en te kijken op welke manier we zo’n Europees biografieën-utopia zouden kunnen verwezenlijken. Voor de wetenschapsbeoefening zou het geweldig zijn als al die biografische naslagwerken ‘per land’ – in feite een wat negentiende-eeuwse benadering – bij elkaar onder één koepel komen te staan, want mensen zijn vaak helemaal niet zo ‘nationaal’ als de geschiedschrijving hen voorstelt, en bovendien kan zo’n biografisch portaal van Europa zeer interessant vergelijkingsmateriaal opleveren.
Maar eerst toch nog maar een beetje nagenieten van de aandacht voor ons eigen project. Het Biografisch Portaal van Nederland heeft zelfs de voorpagina (en pagina 8) en het hoofdredactioneel commentaar van de NRC gehaald! En daarnaast hadden we artikelen in NRC Next, De Volkskrant (op 12 februari en 17 februari), Trouw, het Reformatorisch dagblad, de Telegraaf en het AD. Els was in maar liefst 4 radioprogramma’s te beluisteren. In het weekend dachten we nog een keer in de Volkskrant op te duiken, maar de val van het kabinet Balkenende IV maakte een einde aan onze minutes of fame. Aan het werk dus maar weer, onze vliegende start heeft namelijk genoeg nieuwe taken en aandachtspunten opgeleverd: ons lijstje ‘te doen’ is nog lang niet afgevinkt.
Anne-Marie Mreijen
“Wij willen meer.”
maandag 22 februari 2010
“Wij willen meer.” Dat was de belangrijkste wens van de deelnemers aan het forum, bij de presentatie van het Biografisch Portaal op 17 februari. En meer zullen ze krijgen, want het Biografisch Portaal staat pas aan het begin en moet gaan groeien. De 'aftrap' was een groot succes, met een volle zaal, een vrolijke notaris die de oprichting van de stichting officieel bekrachtigde en natuurlijk alle media-aandacht. Het is pas het begin, maar er is al veel werk gedaan. Hans Blom memoreerde in zijn openingslezing dat er altijd mensen schuil gaan achter de abstracte structuren van de geschiedenis. Zo is het ook met ons project: een site als Bioport wordt gemaakt door mensen, heel veel mensen. Een korte impressie:
We wilden het simpel en doorzichtig houden, maar simpel is moeilijk. Els, Anne-Marie, Jelle en ikzelf hebben heel wat versies van projectvoorstellen heen en weer gestuurd. Google-Docs was vaak onze redding van over elkaar buitelende versies, last-minute wijzigingen en opdoemende deadlines. Het was een nieuwe belevenis om terwijl je aan een document zat te werken, andermans wijzigingen in afwijkende kleur op het scherm te zien verschijnen. Veelzeggend waren de namen die we eraan gaven: de laatste_versie.doc werd gevolgd door de bijna_allerlaatste_versie.doc, de allerlaatste_versie_met_opmerkingen_ van_Els.doc en de allerallerlaatste_versie_ waaraan_echt_niks_meer_veranderd_mag_worden.doc.
Veel naslagwerken bestaan alleen in boekvorm en moeten worden gedigitaliseerd. Soms doen we dat samen met anderen (vooral DBNL), soms doen we dat zelf. Een simpele pdf is niet genoeg: we hebben namen en biografische kerngegevens nodig, want we willen geen amorfe massa van teksten. We willen een gestructureerd, efficiënt en betrouwbaar zoekmiddel. Ineke en haar assistenten hebben ervaring met de transformatie van een deftig drukwerk tot een digitaal boek dat de originele tekst behoudt en tegelijk digitaal doorzoekbaar is. De meest onverwachte problemen kunnen daarbij komen kijken: pagina’s die per kolom zijn genummerd (NNBW) en dus twee paginanummers hebben, het 21ste deel van Van der Aa dat halverwege opeens weer begint te tellen bij pagina 1, enzovoorts.
Vervolgens de inhoud. Veel gegevens zijn verstopt of zijn onderling tegenstrijdig, terwijl het Biografisch Portaal juist betrouwbaarheid moet uitstralen. De medewerkers Jeltje en Mandy zaten drie dagen per week te identificeren, te on-identificeren, te vergelijken en te bewerken. Ze stonden continu in contact met Jelle om de invoerapplicatie te optimaliseren.Ook hadden we onze 'Chinese landdagen' (Els' term): drie dagen lang zaten circa acht ING-ers gegevens in te voeren om zo een eerste grote stap te zetten.
En tot slot de 'harde' techniek. Els wilde de site voor de aftrap zo ver mogelijk ‘af’ hebben, maar na enig gemompel van mij ging ze ermee akkoord dat vooral de basis goed moest zijn. De toeters en bellen komen later wel. Een site is nooit af, en deze al helemaal niet. Het was onvoorspelbaar hoeveel bezoekers we zouden krijgen en gezien de belangstelling van de pers wilden we op alles voorbereid zijn. Voor onverwachte problemen waren er vijf, zes mensen aanwezig in onze chatbox. Bas en ikzelf op het ING, Diebert thuis in Leiden, Jelle in Friesland en zijn medewerker Silvio uit zijn woonplaats Turijn. Op dinsdagmiddag besloten we nog ingrijpende wijzigingen op de Bioport-machine door te voeren die de snelheid aanzienlijk zouden verbeteren. Deze ‘virtuele’ samenwerking laat zien wat er kan en waarheen we op weg zijn.
Rik Hoekstra
Alweer een 035-nummer
woensdag 17 februari 2010
Ik zie mezelf nog met tegenzin naar de universiteitsbibliotheek sjokken, een paar jaar geleden. Ik hou van boeken en van bibliotheken, dus daar lag het niet aan. Maar nu was het voor biografisch onderzoek naar Claes Seep, mij op dat moment totaal onbekend.
Voor een collegeblok kreeg ik, studente Nederlands, de opdracht onderzoek te doen naar deze Claes Seep, die zich in de omgeving van Jan Soet en Jan Krul bevond. Ook al van die klinkende namen uit de Nederlandse geschiedenis! Wikipedia bestond al wel, maar was totaal onbetrouwbaar. Trouwens, als ik nu in Wikipedia zoek op Claes Seep, vind ik nog steeds niets. Dus de enige manier om iets over zo’n ‘dead poet’ te vinden, was: het biografisch woordenboek. Van der Aa op schoot en ploegen maar. Of het NNBW. Onhandig, die lijvige werken, omdat je altijd in meerdere delen moest zoeken, onder Seep, of Zeep. Of misschien was er nog een andere onverwachte spellingsvariant. Of bij een lemma van een van de tijdgenoten, een familielid. Ik vond dat geblader zonde van mijn tijd. Waarom was dit soort naslagwerken nog niet gedigitaliseerd?
Biografisch onderzoek lag me niet, dacht ik. Ik dook liever de diepte van de teksten in. Uitpluizen van intertekstualiteit, de ontwikkeling van een tekst, de geschiedenis van een boek. Machtig vond ik dat. Wie er achter de tekst zat, kwam voor mij op de laatste plaats. Bovendien heb ik altijd een voorliefde voor de Middeleeuwen gehad. Veel teksten uit die tijd zijn sowieso anoniem overgeleverd. De keren dat er wel een auteur bekend is, zijn de personalia vaak ook beperkt. Biografisch onderzoek is dan bijna niet aan de orde.
Claes Seep vormde voor mij een omslagpunt. Ik leerde dat onderzoek naar de onderlinge relaties met tijdgenoten interessant is om te begrijpen in welke situatie een tekst ontstaan was. Voorzichtig nam ik ook in mijn vrije tijd eens een biografie ter hand. Levensverhalen van markante personen zijn inspirerend. Zeker als je die kunt plaatsen in een sociaalhistorische context.
Nu ben ik beroepshalve betrokken bij het Biografisch Portaal en zie ik drie dagen per week talloze BN’ers uit de Nederlandse geschiedenis aan me voorbij trekken. Ook minder grote namen, zoals Claes Seep, passeren de revue. Het NNBW, Van der Aa en andere biografische woordenboeken zijn nu digitaal raadpleegbaar. Samen met mijn collega Mandy maak ik persoonspagina’s met kerngegevens: we voegen kerndata toe, zodat al die biografieën beter doorzoakbaar worden. Mocht je dan Jan Jansz uit de zeventiende eeuw zoeken, kun je uitfilteren op geslacht, periode, rubriek en meer. Er zijn ruim 40.000 biografieën gedigitaliseerd en we hebben nu de data van een paar duizend lemmata bewerkt. Het is een enorme klus, maar het is mooi dat deze data vanaf morgen gratis toegankelijk zijn. Dan is het namelijk zover, het Biografisch Portaal van Nederland gaat online.
De spanning op het kantoor is duidelijk voelbaar. De telefoon gaat. Collega Anne-Marie kijkt op het scherm en zegt: “Alweer een 035-nummer!”. Hilversum, betekent dat. De pers pikt de lancering nu ook op. Iemand vraagt naar ‘meneer Kloek’. Mevrouw Kloek, bedoelt u? Ze is bereikbaar op haar GSM!
De feestelijke opening wordt grondig voorbereid en we zetten met het team de laatste punten op de i. De laatste punten? Zover zijn we nog lang niet, maar de laatste punten voor de opening in ieder geval.
Jeltje Zijlstra
De genderwisseling van Christina Bader
donderdag 11 februari 2010
De dag van de lancering van de site komt akelig dichtbij: nog zes dagen. Gisteren is de nieuwste versie op de server gezet, met alle schrikmomenten die daar bij horen: afbeeldingen zijn verdwenen, de lijst 'meer jarigen' doet het niet meer, de lay-out van de bladerpagina is nog niet goed. Maar toch: het ziet er allemaal meer dan prachtig uit, en ik blijf alle vertrouwen hebben in Jelle en Richard, die gestaag doorwerken en hun eigen prioriteitenlijstjes rustig afhandelen. Vanochtend vroeg rende ik meteen weer naar mijn pc: kijken of er intussen nog wat was gebeurd. Maar nee, kennelijk hadden Jelle en Richard er na gisteravond 10 uur (!) niets meer aan gedaan. Gelijk hebben ze. Het enige nieuwe waren de jarigen: niet die van gisteren, maar die van vandaag staan nu prominent op de openingspagina. Uiteraard! Bijna had ik de site alweer gesloten, toen mijn oog viel op de jarige Christina Bader, geboren op 11 februari 1878, die eruit zag als een man. Ik weet dat mannen soms de meeste vreemde namen hebben gehad (Popke, Aleid, Gesina), maar Christina...??? Ik klik op 'zijn' portretje en zie dat het een bug moet zijn: Christina Bader blijkt een vrouw - ze heeft aan liefdadigheid gedaan.
De genderwisseling van Christina Bader doet me denken aan die dag in november 2004 toen we de pilot van het Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland presenteerden in de aula van de KB: we hadden zo'n honderd vrouwenlevens beschreven en beloofden dat het er duizend zouden worden. Onder meer Herman Pleij en Nelleke Noordervliet zouden spreken. Tot onze verrassing noemde Pleij ons project achterhaalde apartheid, en Noordervliet vergeleek ons project met botox: al die aandacht voor vrouwen hielp hooguit een paar maanden, en zou de 'kop van de geschiedenis' - een man! - nooit blijvend veranderen. Het klonk als kritiek, en dat terwijl wijzelf er ook van overtuigd waren (en zijn) dat je vrouwen niet apart moet zetten. Wij fantaseerden ook toen al over een nieuw biografisch woordenboek waarin onze vrouwen geïntegreerd waren. Ik was toen, op die dag in 2004, niet echt in de gelegenheid om dat uit te leggen, dus ik heb hun speeches maar gelaten over me heen laten komen. Wacht maar, dacht ik, heb geduld.
Nu is het vijf jaar later, en de bijna 950 vrouwen van mijn DVN zijn geïntegreerd in het Biografisch Portaal van Nederland. Niks geen botox, niks geen nieuwe apartheid. Goede dingen ontstaan vaak vanuit de marge, en het Biografisch Portaal is daar een voorbeeld van. Nog vijf dagen, en dan zijn de levensbeschrijvingen van meer dan 40.000 beroemdheden en mindere goden uit de Nederlandse geschiedenis voor iedereen te raadplegen op het internet. Christina Bader zal er dan weer uitzien als een vrouw. Maar opnieuw moet ik vragen om geduld. Dit is pas het begin van het Biografisch Portaal, de 'kick-off'. We moeten nog heel veel data invoeren, collecties digitaliseren, de doorzoekbaarheid verbeteren, et cetera. Maar wie weet dat het Biografisch Portaal een opstapje vormt naar die oude fantasie: een nieuw, volledig (M/V!), betrouwbaar en actueel biografisch Woordenboek van Nederland op internet. De eerste stap is gezet. Of is het de tweede?
Els Kloek